WEERGAVE c4_sf16.html 4 pages/c4_sf16.html pages/c5_sf1.html WEERGAVE Weergave-instellingen configureren voor verschillende weergavebronnen (menu Option) Onderdelen van het menu Option 25 Tone Control (Tone Control) YPAO Volume (YPAO Vol.) Adaptive DRC (A.DRC) Dialogue Level (Dialog Lvl) DTS Dialogue Control (DTS Dialog) Dialogue Lift (Dialog Lift) Lipsync Adjustment (Lipsync Adj.) Subwoofer Trim (SW.Trim) Extra Bass (Extra Bass) Enhancer (Enhancer) Hi-Res Mode (HiRes Mode) Video Processing (Video Process.) Input Trim (In.Trim) Audio Select (A.Sel) Video Out (V.Out) FM Mode (FM Mode) DAB-afstemming voorbereiden De ontvangststerkte van elk DAB-kanaallabel controleren Instellingen voor shuffle/herhalen Instellingen voor shuffle/herhalen De luidsprekerinstellingen automatisch optimaliseren (YPAO) Genieten van stereoscopische geluidsvelden (CINEMA DSP HD3) Delay Enable Afspelen van digitaal gecomprimeerde indelingen (zoals MP3, etc.) met verrijkt geluid (Compressed Music Enhancer) Video Mode

Weergave-instellingen configureren voor verschillende weergavebronnen (menu Option)

Onderdelen van het menu Option

Item
Functie
Pagina
Tone Control (Tone Control)
Past het bereik van de hoge tonen en lage tonen afzonderlijk aan.
YPAO Volume (YPAO Volume)
YPAO Volume (YPAO Vol.)
Schakelt YPAO Volume in of uit.
Adaptive DRC (A.DRC)
Past het dynamische bereik (van maximum naar minimum) automatisch samen met het volumeniveau aan.
Dialogue (Dialog)
Dialogue Level (Dialog Lvl)
Past het volume van dialooggeluid aan.
DTS Dialogue Control (DTS Dialog)
Past het volume van dialooggeluid aan voor DTS:X-content.
Dialogue Lift (Dialog Lift)
Past de waargenomen hoogte van dialooggeluid aan.
Lipsync Adjustment (Lipsync Adj.)
Past de vertraging tussen video- en audioweergave handmatig aan.
Subwoofer/Bass (Subwoofer/Bass)
Subwoofer Trim (SW.Trim)
Stelt het volume van de subwoofer nauwkeurig in.
Extra Bass (Extra Bass)
Schakelt Extra Bass in of uit.
Enhancer (Enhancer)
Enhancer (Enhancer)
Schakelt Compressed Music Enhancer in of uit.
Hi-Res Mode (HiRes Mode)
Schakelt de hoge-resolutiemodus in/uit (om de kwaliteit van ongecomprimeerde digitale audio te verbeteren).
Video Processing (Video Process.)
Schakelt de instellingen voor videosignaalverwerking in of uit die zijn geconfigureerd in het menu “Setup”.
Input Settings (Input Settings)
Input Trim (In.Trim)
Corrigeert volumeverschillen tussen signaalbronnen.
Audio Select (A.Sel)
Selecteert de audio-ingang die u wilt gebruiken wanneer er meerdere audioverbindingen voor één ingangssignaal zijn.
Video Out (V.Out)
Selecteert een videosignaal dat met de audiosignaalbron wordt uitgevoerd.
FM Mode (FM Mode)
Hiermee schakelt u tussen stereo en mono voor FM-ontvangst.
Init Scan (Init Scan)
(alleen modellen voor Australië, het Verenigd Koninkrijk, Europa en Rusland)
Voert een eerste zoekactie uit voor DAB-radio-ontvangst.
Tune AID (Tune AID)
(alleen modellen voor Australië, het Verenigd Koninkrijk, Europa en Rusland)
Controleert ontvangststerkte of elk DAB-kanaallabel.
Shuffle (Shuffle)
Configureert de shuffle-instelling voor het USB-opslagapparaat () of de mediaserver ().
-
Repeat (Repeat)
Configureert de herhaalinstelling het USB-opslagapparaat () of de mediaserver ().
-
  1. Tone Control (Tone Control)
  2. YPAO Volume (YPAO Volume)
  3. Dialogue (Dialog)
  4. Lipsync Adjustment (Lipsync Adj.)
  5. Subwoofer/Bass (Subwoofer/Bass)
  6. Enhancer (Enhancer)
  7. Video Processing (Video Process.)
  8. Input Settings (Input Settings)
  9. FM Mode (FM Mode)

Tone Control (Tone Control)

Past het bereik van de hoge tonen (Treble) en lage tonen (Bass) afzonderlijk aan.
Keuzes
Treble (Treble), Bass (Bass)
Instelbereik
-6,0 dB tot 0,0 dB tot +6,0 dB, *in stappen van 0,5 dB
U kunt de instelling “Tone Control” ook aanpassen met behulp van de bedieningselementen op het voorpaneel. Druk herhaaldelijk op TONE CONTROL om “Treble” of “Bass” en PROGRAM te selecteren om aanpassingen door te voeren.

YPAO Volume (YPAO Volume)

Schakelt YPAO Volume of Adaptive DRC in of uit.

YPAO Volume (YPAO Vol.)

Schakelt YPAO Volume in of uit. Als YPAO Volume is ingeschakeld, worden de hoge en lage frequenties automatisch aangepast aan het volume zodat u zelfs met een laag volume kunt genieten van natuurlijke geluiden.
Instellingen
Off (Off)
Schakelt YPAO Volume uit.
On (On)
Schakelt YPAO Volume in.
  • YPAO Volume werkt effectief nadat de meetresultaten van “Auto Setup” al zijn opgeslagen ().
  • Wij raden aan om zowel YPAO Volume als Adaptive DRC in te schakelen als u op laag volume of ’s nachts aan het luisteren bent.

Adaptive DRC (A.DRC)

Past het dynamische bereik (van maximum naar minimum) automatisch samen met het volumeniveau aan. Als dit is ingesteld op “On”, is het nuttig als u ’s nachts met een laag volume luistert.
Instellingen
Off (Off)
Het dynamisch bereik wordt niet automatisch aangepast.
On (On)
Past het dynamisch bereik automatisch aan als YPAO Volume is ingeschakeld.
Als “On” is geselecteerd, wordt het dynamische bereik smal bij een laag volume en breed bij een hoog volume.

Dialogue (Dialog)

Past het volume of de waargenomen hoogte van dialooggeluid aan.

Dialogue Level (Dialog Lvl)

Past het volume van dialooggeluid aan. Als dialooggeluid niet duidelijk te horen is, kunt u het volume verhogen door deze instelling te verhogen.
Instelbereik
0 tot 3
Deze instelling is niet beschikbaar wanneer DTS:X-content wordt afgespeeld, of als de Dolby Surround- of Neural:X-decoder werkt.

DTS Dialogue Control (DTS Dialog)

Past het volume van dialooggeluid aan voor DTS:X-content.
Instelbereik
0 tot 6
Deze instelling is alleen beschikbaar wanneer DTS:X-content wordt afgespeeld die de functie DTS Dialogue Control ondersteunt.

Dialogue Lift (Dialog Lift)

Past de waargenomen hoogte van dialooggeluid aan. Als het lijkt of het dialooggeluid van onder het tv-scherm komt, kunt u de waargenomen hoogte verhogen door deze instelling te verhogen.
Deze instelling is alleen beschikbaar als aan een van de volgende voorwaarden wordt voldaan.
  • Een van de geluidsprogramma’s (behalve 2ch Stereo en 7ch Stereo) is geselecteerd als voorste aanwezigheidsluidsprekers worden gebruikt.
  • Virtual Presence Speaker (VPS) () werkt. (U hoort mogelijk dialooggeluid uit de surroundluidsprekers, afhankelijk van de luisterpositie.)
Instelbereik
0 tot 5 (hoe hoger de waarde, hoe hoger de positie)

Lipsync Adjustment (Lipsync Adj.)

Past de vertraging tussen video- en audioweergave handmatig aan.
Instelbereik
0 ms tot 500 ms (in stappen van 1 ms)
Deze instelling is alleen beschikbaar als “Delay Enable” in het menu “Setup” is ingesteld op “Enable” (standaard).

Subwoofer/Bass (Subwoofer/Bass)

Pas het volume van de subwoofer of het basgeluid aan.

Subwoofer Trim (SW.Trim)

Stelt het volume van de subwoofer nauwkeurig in.
Instelbereik
-6,0 dB tot 0,0 dB tot +6,0 dB (stappen van 0,5 dB)

Extra Bass (Extra Bass)

Schakelt Extra Bass in of uit. Als Extra Bass is ingeschakeld, kunt u genieten van verbeterd basgeluid, ongeacht de grootte van de voorste luidsprekers en de aanwezigheid of afwezigheid van de subwoofer.
Instellingen
Off (Off)
Schakelt Extra Bass uit.
On (On)
Schakelt Extra Bass in.

Enhancer (Enhancer)

Schakelt Compressed Music Enhancer en de hoge-resolutiemodus in/uit.

Enhancer (Enhancer)

Schakelt Compressed Music Enhancer () in of uit.
  • Deze instelling wordt afzonderlijk op elke signaalbron toegepast.
  • U kunt ook ENHANCER op de afstandsbediening gebruiken om Compressed Music Enhancer in- of uit te schakelen ().
Instellingen
Off (Off)
Schakelt Compressed Music Enhancer uit.
On (On)
Schakelt Compressed Music Enhancer in.
Standaard
TUNER, Bluetooth, USB, (netwerkbronnen): On (On)
Overige: Off (Off)
Compressed Music Enhancer werkt niet op de volgende audiobronnen.
  • Signalen waarvan de samplingfrequentie hoger is dan 48 kHz
  • DSD-audio

Hi-Res Mode (HiRes Mode)

Schakelt de hoge-resolutiemodus in/uit als “Enhancer” is ingesteld op “On”. Als deze functie is ingesteld op “On” dan kunt u de kwaliteit van ongecomprimeerde digitale audio (zoals 2-kanalige PCM en FLAC) met behulp van Compressed Music Enhancer verbeteren.
Instellingen
On (On)
Schakelt de hoge-resolutiemodus in.
(Afhankelijk van de verwerkingsconditie van het audiosignaal, werkt de hoge-resolutiemodus mogelijk niet.)
Off (Off)
Schakelt de hoge-resolutiemodus uit.

Video Processing (Video Process.)

Schakelt de instellingen voor videosignaalverwerking (resolutie en aspectverhouding) in of uit die zijn geconfigureerd in “Processing” () in het menu “Setup”.
Instellingen
Direct (Direct)
Schakelt videosignaalverwerking uit.
Processing (Processing)
Schakelt videosignaalverwerking in.

Input Settings (Input Settings)

Configureert de signaalinstellingen.
Deze instelling wordt afzonderlijk op elke signaalbron toegepast.

Input Trim (In.Trim)

Corrigeert volumeverschillen tussen signaalbronnen. Als u hinder ondervindt van volumeverschillen bij het schakelen tussen signaalbronnen, gebruikt u deze functie om dat te corrigeren.
Instelbereik
-6,0 dB tot 0,0 dB tot +6,0 dB (stappen van 0,5 dB)

Audio Select (A.Sel)

Selecteert de audio-ingang die u wilt gebruiken wanneer er meerdere audioverbindingen voor één ingangssignaal zijn.
Instellingen
Auto (Auto)
Selecteert automatisch de audio-ingang in de volgende volgorde van prioriteit.
1. HDMI-ingang
2. Digital input (COAXIAL of OPTICAL)
3. Analog input (AUDIO)
HDMI (HDMI)
Selecteert altijd HDMI-ingang. Er worden geen geluiden geproduceerd wanneer geen signalen via de HDMI-aansluiting worden ingevoerd.
Coax/Opt (Coax/Opt)
Selecteert altijd digitale invoer (COAXIAL of OPTICAL). Er worden geen geluiden geproduceerd wanneer geen signalen via de COAXIAL- of OPTICAL-aansluiting worden ontvangen.
Analog (Analog)
Selecteert altijd analoge invoer (AUDIO). Er worden geen geluiden geproduceerd wanneer geen signalen via de AUDIO-aansluitingen worden ingevoerd.

Video Out (V.Out)

Selecteert een videosignaal dat met de audiosignaalbron wordt uitgevoerd.
Instellingen
Off (Off)
Geeft geen videosignalen weer.
AV 1-7 (AV1-7), VIDEO AUX (V-AUX)
Geeft videosignalen weer via de corresponderende videoaansluitingen.

FM Mode (FM Mode)

Hiermee schakelt u tussen stereo en mono voor FM-ontvangst.
Instellingen
Stereo (Stereo)
Ontvangt FM-radio in stereogeluid.
Mono (Mono)
Ontvangt FM-radio in monogeluid.